Sinds vele jaren word ik geregeld gevraagd hoe het nu precies zit met de wet, met geboden zoals de besnijdenis, wassingen, voorschriften betreffende maaltijden en bepalingen rond offers en uiterlijkheden. Mogen wij als Christenen varkensvlees eten? Moeten wij bepaalde Joodse feesten vieren of specifieke rituelen praktiseren? En wat betekent het nu precies dat Jezus de wet vervuld heeft? Zijn wij dan ook écht vrij van de wet of gaat dit te ver?

In het Nieuwe Testament lezen wij dat wij niet de enige mensen zijn met dergelijke vragen. Heel wat Joden die tot geloof in Jezus gekomen waren, hadden ook deze vragen. Voor hen hadden deze vragen echter nog een veel grotere impact dan voor ons, want ze hadden gans hun leven onder die wet geleefd. Ze lieten zich besnijden en probeerden zich te houden aan alle geboden en voorschriften. Ze moesten geregeld offers brengen en hielden zich nauwlettend aan de voorgeschreven feestdagen en rituelen. Het was dan ook niet altijd even gemakkelijk voor hen om de nieuwe leer, die door Jezus en de apostelen verkondigd werd, te aanvaarden. Velen van hen probeerden dan ook het oude en het nieuwe samen te brengen door in Jezus te geloven maar tegelijkertijd ook heel wat voorschriften van de wet na te leven.

De Galatenbrief

Dit is de reden waarom de Galatenbrief door Paulus geschreven werd, en ook de brief aan de Hebreeën behandelt dit thema uitvoerig. Als je de woorden van Paulus in Galaten leest, zal je vlug merken dat Paulus geenszins verheugd was over het feit dat de Galaten een mengelmoes van de wet en de genade, en van dode werken en geloof aan het praktiseren waren. Hij is erg "verbaasd" over hen (Galaten 1:6), noemt hen "onverstandig" en vraagt hen wie hen heeft "betoverd" (Galaten 3:1). Dat is sterke taal! Hij vraagt zich ook af, of zijn verkondiging bij hen "tevergeefs" is geweest (vers 4). En hij valt meteen met de deur in huis en zegt dat wie uit werken van de wet gerechtvaardigd wil worden "onder de vloek staat" (vers 10). "Bij de wet gaat het niet om geloof", zegt hij (vers 11), en in hoofdstuk 1 laat hij hen duidelijk weten dat een mengelmoes van de wet en het geloof in Jezus een vals evangelie is, dus een foute en zelfs gevaarlijke leer:

 
Het verbaast mij, dat gij u zo vlug van degene, die u door de genade van Christus geroepen heeft, laat afbrengen tot een ander evangelie, en dat is geen evangelie. Er zijn echter sommigen, die u in verwarring brengen en het evangelie van Christus willen verdraaien. Maar ook al zouden wij, of een engel uit de hemel, u een evangelie verkondigen, afwijkend van hetgeen wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt! Gelijk wij vroeger reeds gezegd hebben, zeg ik thans nog eens: indien iemand u een evangelie predikt, afwijkend van hetgeen gij ontvangen hebt, die zij vervloekt!
— Galaten 1:6–9
 

Ik weet niet of wij dit zouden durven zeggen, maar Paulus durfde het wel: als wij de besnijdenis verkondigen en op de wet vertrouwen om gered te worden, staan wij onder een vloek: de vloek van de wet. En meer nog: als wij werkelijk door de wet zouden gerechtvaardigd kunnen worden, was Jezus tevergeefs gestorven:

 
Indien er gerechtigheid door de wet is, dan is Christus tevergeefs gestorven.
— Galaten 2:21
 

Met andere woorden: als wij zeggen dat de wet voor ons nog van toepassing is, zeggen wij dat Jezus niet aan het kruis had moeten sterven. Maar dat moest Hij wel, want: "Uit werken der wet zal niemand gerechtvaardigd worden" (Galaten 2:16). "Want allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid Gods, en worden om niet gerechtvaardigd uit zijn genade, door de verlossing in Christus Jezus. Want wij zijn van oordeel, dat de mens door geloof gerechtvaardigd wordt, zonder werken der wet." (Romeinen 3:23-24, 28) "Want door genade zijt gij behouden, door het geloof, en dat niet uit uzelf: het is een gave van God; niet uit werken, opdat niemand roeme." (Efeziërs 2:8-9)

Jezus heeft de wet vervuld

Jezus zelf zei dat Hij gekomen was om de wet te vervullen:

 
Meent niet, dat Ik gekomen ben om de wet of de profeten te ontbinden; Ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen.
— Mattheus 5:17
 

Jezus maakte duidelijk dat Hij niet was gekomen om Mozes tegen te spreken of de profeten valse profeten te noemen. Neen. Hij werd "geboren onder de wet, om hen die onder de wet waren, vrij te kopen, opdat wij het recht van zonen zouden verkrijgen". (Galaten 4:4-5) Het is belangrijk dat wij dit goed begrijpen. Jezus moest onder de wet geboren worden, de wet naleven, zich laten besnijden en de wet volkomen vervullen om "hen die onder de wet waren, vrij te kopen". Jezus kon de wet niet zomaar van tafel vegen en de profeten over boord gooien. Neen. Hij moest alles doen wat in de wet stond, en elke profetie die over Hem geschreven werd vervullen, om ons de vrijheid te kunnen schenken. Enkel zo kon Zijn gerechtigheid ook die van ons worden.

Dat de wet door Jezus werd vervuld betekent dan ook:

  1. De geboden en eisen van God, betreffende een rechtvaardig en zondeloos leven, werden door Jezus vervuld.
  2. Het gehele oude testament (of oude verbond) werd door Jezus vervuld.
  3. De profetieën over de Messias werden door Jezus vervuld.

Omdat Hij dit deed, zijn wij nu Gods gerechtigheid geworden in Hem, volledig geheiligd en met God verzoend. We hebben vrede met God en de schuldbrief (= de wet), werd aan het kruis genageld en vereffend. Hij werd voor ons tot zonde gemaakt opdat wij in Hem Gods gerechtigheid zouden worden. En dit zijn we nu ook, vrij van veroordeling. Wij moeten ook geen offers voor onze zonden meer brengen, want Jezus heeft als de volmaakte Hogepriester Zijn eigen bloed vergoten om ons te verlossen en te vergeven. Hij heeft de tempeldienst beëindigd en het voorhangsel weggenomen. De weg tot de Vader is vrij en Zijn bloed reinigt ons van elke ongerechtigheid. Wij zijn eens en voor altijd geheiligd door één volmaakt offer (zie brief aan de Hebreeën).

Jezus heeft de wet beëindigd

Maar Jezus vervulde de wet niet enkel, maar Hij heeft de wet daarna ook beëindigd:

 
Hij heeft de wet met zijn geboden en voorschriften buiten werking gesteld.
— Efeziërs 2:15
Want Christus is het einde der wet, tot gerechtigheid voor eenieder, die gelooft.
— Romeinen 10:4
 

Verder zegt de Schrift dat wij van de wet ontslagen werden, dood zijn voor haar. Met andere woorden we hebben geen verplichtingen meer naar de wet toe en leven niet meer onder de wet. We zijn kinderen der belofte, vrijgekocht om ons niet opnieuw een juk der slavernij, de slavernij van de wet, te laten opleggen.

Stel je voor dat ik je een aantal opdrachten zou geven die je zou moeten vervullen om € 1.000.000 te ontvangen. Na een tijd van proberen en grote inspanningen doen, zou je vaststellen dat die opdrachten zodanig moeilijk zijn, dat je nooit in staat zult zijn om ze te vervullen. Daar gaat jouw miljoen dus. Maar dan komt iemand en zegt: "Ik zal die opdrachten voor je vervullen." Uiteraard mag die persoon mijn opdrachten niet zomaar ontbinden of weggooien. Om het geld te ontvangen zou hij ze moeten vervullen, exact zoals ik ze voorgeschreven heb. En zo doet hij dat dan ook. Aan het einde van de rit, nadat hij alles succesvol en volmaakt heeft volbracht, zegt hij dan: "Ik heb alles vervuld, Chris zal je nu het geld moeten geven." En exact zo is het ook bij God. Jezus heeft de voorschriften en eisen, die God had opgesteld, voor jou vervuld. Hij kocht je zo vrij, gaf je het recht een kind van God te zijn en bracht je onder de zegen van Abraham:

 
Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek der wet door voor ons een vloek te worden; want er staat geschreven: Vervloekt is eenieder, die aan het hout hangt. Zo is de zegen van Abraham tot de heidenen gekomen in Jezus Christus, opdat wij de belofte des Geestes ontvangen zouden door het geloof.
— Galaten 3:13–14
 

Laat me je nu deze vraag stellen: nadat mijn opdrachten door die persoon vervuld werden en je het geld hebt ontvangen, moet je dan de opdrachten opnieuw vervullen om het geld te krijgen? Natuurlijk niet! De opdrachten werden reeds vervuld en je hebt het geld reeds ontvangen, de opdrachten zijn dus niet langer van toepassing. Door ze te vervullen heb je geen verplichtingen meer naar de opdrachten toe, ze zijn "buiten werking gesteld". Evenzo is de wet buiten werking gesteld en is Jezus het einde der wet geworden.

Leven door de Geest

Daarom leven wij nu geleid door de Geest van God en niet meer geketend door de wet:

 
katie-chase-180320.jpg

We waren aan de wet geketend, maar nu zijn we bevrijd; we zijn dood voor de wet, zodat we niet meer de oude orde van de wet dienen, maar de nieuwe orde van de Geest.

— Romeinen 7:6

 

Halleluja! Wat een sterke taal en wat een bevrijdende waarheid! Wij zijn niet langer geketende slaven van de wet. Wij zijn dood voor de wet. Met andere woorden: het leven dat we nu leven is volledig bevrijd van de rituelen, eisen en voorschriften van de wet van Mozes. In plaats van de wet is de Geest van God gekomen om ons te leiden en bij te staan om het leven te leiden dat God welgevallig is.

Ondanks deze duidelijke taal van Paulus denken sommigen dat God wil dat wij ons van bepaalde soorten vlees of bepaald ander eten onthouden. Paulus laat echter geen twijfel bestaan dat deze voorschriften uit het Oude Testament niet voor ons gelden:

 
U mag alles eten wat er in de vleeshal wordt verkocht. Immers: ‘Van de Heer is de aarde en haar rijkdom’. Wanneer een ongelovige u uitnodigt om bij hem te komen eten en u neemt zijn uitnodiging aan, kunt u rustig alles eten wat u aangeboden wordt. Er is toch niemand die kwaad van mij kan spreken om wat ik eet, als ik God maar voor mijn eten dank.
— 1 Korintiërs 10:25, 36, 30
 

Dit kan niet meer duidelijker. En dit is ook logisch, want bij de voorschriften betreffende maaltijden en wassingen ging het ...

 
... alleen om voedsel, drank en rituele wassingen, om bepalingen over uiterlijkheden die slechts gelden tot aan de nieuwe orde
— Hebreeën 9:10
 

Door Jezus leven wij in die nieuwe orde. Hij "is het einde der wet" (Romeinen 10:4), en zo dienen wij nu in "de nieuwe orde van de Geest" (Romeinen 7:6). En: "Het eerder gegeven gebod wordt ongeldig verklaard omdat het te beperkt is en niet voldoet." (Hebreeën 7:18)

"Ja, maar moeten wij ons niet toch laten besnijden en Joden worden om écht bij de Heer te behoren?" 
Neen! Lees wat Paulus hierover zegt:

 
Opdat wij waarlijk vrij zouden zijn, heeft Christus ons vrijgemaakt. Houdt dus stand en laat u niet weder een slavenjuk opleggen. Zie, ik, Paulus, zeg u: indien gij u laat besnijden, zal Christus u geen nut doen.
— Galaten 5:1–2
 

Als je je laat besnijden om daardoor door God aanvaard te worden, verwerp je Jezus offer! Tegelijkertijd moeten Joden die zich hebben laten besnijden en pas daarna tot geloof in Jezus gekomen zijn, geen gewetenswroegingen hebben over hun besnijdenis, want:

 
Het is volkomen onbelangrijk of men wel of niet besneden is, belangrijk is dat men een nieuwe schepping is.
— Galaten 6:15
 

Je moet ook geen Jood worden om bij Jezus te behoren, want:

 
Jood is men door zijn innerlijk, en de besnijdenis is een innerlijke besnijdenis. Het is het werk van de Geest, niet een voorschrift uit de wet.
— Romeinen 2:29
 

Met andere woorden: bij God gaat het niet om een vleselijke afkomst, om het toebehoren aan een bepaald volk of het vieren van bepaalde feesten, het gaat Hem om ons hart! Om "de innerlijke mens". Dit neemt niet weg dat het volk Israël een bijzondere rol speelt en nog zal spelen. Maar dit is een andere kwestie die we hier nu niet zullen bespreken.

Weg met religie

Luister ten slotte naar deze woorden van Paulus:

 
Laat dan niemand u blijven oordelen inzake eten en drinken of op het stuk van een feestdag, nieuwe maan of sabbat, dingen, die slechts een schaduw zijn van hetgeen komen moest, terwijl de werkelijkheid van Christus is. Indien gij met Christus afgestorven zijt aan de wereldgeesten, waartoe laat gij u, alsof gij in de wereld leefde, geboden opleggen: raak niet, smaak niet, roer niet aan; dat alles zijn dingen, die door het gebruik tenietgaan, zoals het gaat met voorschriften en leringen van mensen.
— Kolossenzen 2:16-17, 20-22
 

De voorschriften betreffende voedsel, de feestdagen en de sabbat waren slechts een schaduw, maar nu de werkelijkheid (Jezus) is gekomen, moeten wij niet langer in de schaduw leven, maar mogen wij in het licht staan. Wie een feestdag wil vieren, mag dat doen, en wie zich van een bepaalde soort vlees wil onthouden, mag dat ook doen. Maar het gaat God niet om deze dingen. Deze dingen werden gegeven om naar iemand te verwijzen: naar Jezus. Ze zijn geen doel op zich. En aangezien Jezus reeds gekomen is, zijn deze verwijzingen ook niet meer nodig. Je hebt geen wegwijzer meer nodig als je reeds bij je bestemming bent toegekomen.

En Paulus laat ons zien: bij religie ("raak niet aan, smaak niet, roer niet aan"), gaat het slechts om leringen van mensen die onnuttig zijn en die zullen vergaan. Het zijn uiterlijkheden en bezigheden van het vlees. Weg ermee dus!

Natuurlijk toonde de wet ons Gods morele standaard, die geenszins veranderd is. De wet was een spiegel en een tuchtmeester, om ons tot aan de voeten van Jezus te brengen (zie Galatenbrief). Maar "daarmee gedaan", zegt Paulus. De wet heeft zijn taak vervuld en nu is de Geest in plaats van de wet gekomen. Niet om losbandig te leven, maar juist om door de Geest (niet door de wet) de werken van het vlees te overwinnen. Daarbij gaan het Woord en de Geest altijd hand in hand. De Geest zal het Woord nooit tegenspreken of ons aanmoedigen om vleselijk te leven. In tegendeel. De vrucht van de Geest is: liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtmoedigheid en zelfbeheersing (Galaten 5:22). De Geest zal ons dus nooit aanmoedigen om onvriendelijk, ongeduldig, onbeheerst of ontrouw te zijn, mensen te haten of egoïstisch bezig te zijn.

De Geest doet leven, de wet (= de letter) doodt! Laat ons dus niet terugkeren naar oude voorschriften betreffende maaltijden of ceremoniële rituelen. Dat zijn uiterlijkheden die beperkt zijn en niet voldoen. We zijn tot de volheid gekomen, waarom zouden we tot de slavernij willen terugkeren?

Amen.