Hij wacht op jou

Hij wacht op jou

De Heilige Geest wacht al zo lang op ons. Terwijl Jezus zei dat het goed is dat Hij weg gaat en de Helper komt, en terwijl Paulus schrijft dat wij gemeenschap met Hem mogen hebben, hebben wij Hem om verschillende redenen, en vaak omwille van een foute leer die ons doet aarzelen, naar de wachtkamer van ons leven gestuurd. Het Woord echter laat ons duidelijk verstaan: om een geestelijk leven te kunnen leiden, hebben wij de Heilige Geest nodig. Zonder Hem onderscheiden wij ons als kerk anders weinig van een liefdadigheidsorganisatie of een vriendenclub. Maak vandaag nog de keuze om Gods Geest in je leven de plaats te geven die Hem volgens de Bijbel toekomt.

Gods wil kennen

Gods wil kennen

 

Sinds mijn verhuis naar België in het jaar 2005, rijd ik elk jaar een aantal keren naar mijn familie en vrienden in Duitsland. Het is telkens een lange rit van 750km. Door mijn gps weet ik welke autosnelwegen ik moet nemen en welke afritten ik moet afslaan, en zo kan ik na vele ritten zeggen dat ik de weg behoorlijk goed ken. En als ik dan toch nog eens een verkeerde afslag neem, kan ik door de gps of een wegenkaart de weg gemakkelijk terugvinden.

Bij een rit van 750km is dit ook aangewezen. Stel je eens voor dat ik de weg helemaal niet zou kennen en dat ik geen wegenkaart of gps bij de hand zou hebben. Dan zou ik enkel maar nog de straatsignalisatie hebben om moeizaam en met veel omwegen de weg te vinden. Zonder een goede kennis van de weg zou ik dan vele uren langer onderweg zijn en het op een gegeven moment misschien zelfs opgeven.

Toen ik met mijn familie zovele jaren geleden 1400km van Zweden terug naar het zuiden van Duitsland reed, waren wij in het midden van de nacht ergens in Denemarken fout gereden. Na een tijd kwamen we op een brug terecht waar we niet meer mochten omkeren, en moesten ongeveer € 60 tol betalen en kwamen terug in Zweden uit. De rit duurde zo'n 20 uren, en met een tot onder het dak volgeladen wagen, was dit extreem frustrerend. Het was moeizaam om de weg terug te vinden in het donker, en dit in een ander land.

Onze geestelijke reis

 
God heeft een plan voor ons leven, een roeping, en een doel.
 

Geestelijk gezien zijn wij ook op reis. Van onze geboorte tot aan onze dood zijn wij op weg. God heeft een plan voor ons leven, een roeping, en een doel. Hij wil dat wij in bepaalde periodes een aantal stappen vooruit geraakt zijn, gegroeid zijn, en een bepaalde weg hebben afgelegd in ons leven.

Maar reizen is moeilijk en soms zelfs onmogelijk, als je de weg niet kent. Met andere woorden, als je de wil van God niet kent, kun je slechts proberen de juiste weg te vinden. En soms weet je daarbij zelfs niet eens wat het volgende reisdoel is. Waar is de volgende tussenstop? Moet ik links of rechts afslaan? Of ben ik misschien op de terugweg zonder dat dit de bedoeling was?

Iedereen begrijpt dat wij in het natuurlijke niet tot aan onze bestemming kunnen geraken als wij de weg niet kennen. Maar tot mijn grote verbazing denken heel wat Christenen dat zij geestelijke doelen kunnen halen en de vrucht kunnen dragen die God voor hen heeft voorbereid, zonder de wil van God te kennen. Sommigen gaan zelfs zo ver om te zeggen dat wij Gods wil niet kunnen kennen en dat dit ook Gods bedoeling is.

Wat God wil

Maar laat mij u verzekeren: dat is niet Gods bedoeling. Lees wat Paulus schreef: 

 
En wordt niet gelijkvormig aan deze wereld, maar wordt hervormd door de vernieuwing van uw denken, opdat gij moogt erkennen wat de wil van God is, het goede, welgevallige en volkomene.
— Romeinen 12:2
 

Een andere vertaling zegt: “opdat gij moogt weten wat de wil van God is.” De bedoeling van de vernieuwing van ons denken is dat wij kunnen erkennen, ontdekken of weten wat Gods wil is. Op een andere plaats zegt Paulus hetzelfde, gewoon met andere woorden:

 
Weest daarom niet onverstandig, maar tracht te verstaan, wat de wil des Heren is.
— Efeziërs 5:17
 

In Gods ogen zijn we onverstandige mensen als wij de wil van Hem niet verstaan. God wil dus zeker en vast dat wij Zijn wil leren kennen. In de brief aan de Kolossenzen bidt Paulus daarom:

 
Daarom houden ook wij sedert de dag, dat wij dit gehoord hebben, niet op voor u te bidden en te vragen, dat gij met de rechte kennis van zijn wil vervuld moogt worden, in alle wijsheid en geestelijk inzicht.
— Kolossenzen 1:9
 

"De rechte kennis van Zijn wil." Daarvoor bad Paulus, opdat iedereen van ons niet in het ongewisse zou blijven, maar over de juiste kennis van Gods wil zou beschikken. Paulus heeft zich er ook voor ingespannen, om door zijn verkondiging ertoe bij te dragen dat de mensen Gods wil ontdekken:

 
Ik heb niet nagelaten u al de raad Gods te verkondigen.
— Handelingen 20:27
 

“De raad van God” is de wil van God, zijn voornemens en bedoelingen met ons leven, aldus de betekenis van het woord dat hier in de Griekse grondtekst gebruikt wordt. Straks zullen wij lezen wat Jezus hierover te zeggen heeft, maar eerst wil ik nog een gebed van Paulus onder je aandacht brengen. Lees aandachtig wat Paulus in Efeziërs 1 bidt:

 
Daarom houd ook ik, gehoord hebbende van uw geloof in de Here Jezus en van uw liefde tot al de heiligen, niet op te danken, u gedenkende bij mijn gebeden, opdat de God van onze Here Jezus Christus, de Vader der heerlijkheid, u geve de Geest van wijsheid en van openbaring om Hem recht te kennen: verlichte ogen uws harten, zodat gij weet, welke hoop zijn roeping wekt, hoe rijk de heerlijkheid is zijner erfenis bij de heiligen, en hoe overweldigend groot zijn kracht is aan ons, die geloven, naar de werking van de sterkte zijner macht.
— Efeziërs 1:15-19
 

Paulus bidt dus om wijsheid en openbaring …
… om de Vader recht te kennen.
… om te weten welke hoop Zijn roeping wekt.
… om te weten hoe rijk de erfenis is die wij ontvangen hebben.
… om te weten hoe overweldigend groot Zijn kracht is aan ons die geloven.

Er zijn nog heel wat andere verzen in de Bijbel die ik zou kunnen aanhalen om een en hetzelfde te zeggen: God wil dat wij Hem en Zijn wil en wegen kennen en dat wij weten wie wij in Hem zijn.

Vrienden, niet slaven

Nog voor Paulus al deze dingen schreef, bad en verkondigde, was het Jezus zelf die het idee ontkracht heeft dat God ons in het ongewisse zou willen laten betreffende Zijn wil en wegen. Hij zei:

 
Ik noem u niet meer slaven, want de slaaf weet niet, wat zijn heer doet; maar u heb Ik vrienden genoemd, omdat Ik alles, wat Ik van mijn Vader gehoord heb, u heb bekend gemaakt.
— Johannes 15:15
 

Wat een opmerkelijke uitspraak! Mensen die denken dat wij Gods wil niet kunnen kennen, hebben volgens Jezus een slaven-mentaliteit. Slaven weten niet wat hun meester wil. Ze zijn in het ongewisse en moeten blindelings bevelen gehoorzamen. "De slaaf weet niet, wat zijn heer doet." Het religieuze mantra van vele Christenen is dan ook: "We weten nooit wat Gods bedoeling is." Maar dat is verkeerd! Wij zijn geen slaven meer, we zijn vrienden. En waarom zijn wij volgens Jezus nu vrienden van Hem? Omdat Hij alles, wat Hij van Zijn Vader gehoord heeft, aan ons heeft bekend gemaakt!

Begrijp me niet fout. Niet mijn wil maar Gods wil moet geschieden. Ik heb geen ambitie om een betweter te zijn. Mijn verlangen is om Bijbels bezig te zijn, zelfs als de Bijbelse waarheid uitdagend is en misschien zelfs hoogmoedig klinkt (in religieuze oren). Ik wil geloven wat God zegt. En God zegt: "Jullie zijn Mijn vrienden en ik maak jullie Mijn wil bekend!"

Zoals we in Hebreeën 1 lezen, heeft God door Jezus tot ons gesproken. Jezus is "de afdruk van Gods wezen en de afstraling van Zijn heerlijkheid." Daarom zei Jezus: "Wie mij ziet, heeft de Vader gezien. Ik ben gekomen om jullie de Vader te tonen. Ik en de Vader zijn één." Dit was Zijn plan, Zijn voornemen. En dit is een van de bedieningen van de Heilige Geest in ons leven: om ons in alle waarheid te leiden en hetgeen in het hart van de Vader leeft, aan ons te openbaren:

 
Gelijk geschreven staat: Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen, al wat God heeft bereid voor degenen, die Hem liefhebben. Want óns heeft God het geopenbaard door de Geest. Want de Geest doorzoekt alle dingen, zelfs de diepten Gods.
— 1 Korintiërs 2:9-10
 

Een God van openbaring

Iets te openbaren betekent: iets zichtbaar maken dat verborgen is. Wij mensen zien heel veel dingen niet, we zijn vaak onverstandig en hebben iemand nodig die ons de weg toont. En dit is wat de Heilige Geest in ons leven wil doen: Hij wil het licht zijn dat de wil van God zichtbaar maakt. Deze wil vinden wij in Zijn woord, de Bijbel. De Bijbel is de kaart of de gps voor onze levensreis, en de Heilige Geest wil ons uitleggen hoe wij die kaart juist moeten lezen en volgen. Dit doet Hij door ons openbaringen, inzicht en wijsheid te schenken.

Daarom bidden wij sinds ongeveer een jaar in de bidstonden dat de Heer ons meer en meer openbaart wij Hij is, wat Hij wil en wie wij in Christus zijn, zoals Paulus bad. En God wil deze gebeden graag beantwoorden omdat wij Zijn vrienden zijn en omdat Hij door ons juist wil gekend worden. In het Oude Testament zei Hij over Abraham, die Hij Zijn vriend noemde:

 
Zou Ik voor Abraham verbergen wat Ik ga doen?
— Genesis 18:17
 

Daarna deelde Hij met Abraham wat Hij van plan was. Ook de profeten van het Oude Testament werden steeds door God ingelicht om het dan aan het volk te verkondigen:

 
Voorzeker, de Here doet geen ding, of Hij openbaart zijn raad aan zijn knechten, de profeten.
— Amos 3:7
 

Zo is onze God. Hij wil een hechte relatie met ons voeren, tot ons spreken en ons Zijn wil en wegen bekend maken zodat wij daarin zouden wandelen. En omdat Hij een God is die niet kan liegen en die altijd zal doen wat Hij beloofd heeft, moeten wij ook nooit aan Zijn in het woord geopenbaarde wil twijfelen:

 
God is geen man, dat Hij liegen zou; of een mensenkind, dat Hij berouw zou hebben. Zou Hij zeggen en niet doen, of spreken en niet volbrengen?
— Numeri 23:19
 

God doet wat Hij zegt, en hetgeen Hij ons geopenbaard heeft is ook werkelijk en blijvend van ons:

 
De geopenbaarde dingen zijn voor ons en onze kinderen voor altijd.
— Deuteronomium 29:29
 

Voor alle duidelijkheid

Wil dit zeggen dat wij alles moeten begrijpen wat God wil of doet? Neen! 
Wil dit zeggen dat God altijd wil, wat wij graag zouden willen? Neen! 
En wil dit zeggen dat wij alles kunnen weten wat er te weten valt? Neen! 
Ik zal proberen het zo uit te leggen: als ik naar Duitsland wil rijden, moet ik niet weten welke banen ik in Australië zou moeten nemen om van Sydney naar Brisbane te rijden. Ik moet ook niet weten hoe warm het daar nu is, hoeveel files er zijn en wat de brandstof daar kost. Ik moet enkel hetgeen weten wat voor mijn reis naar Duitsland van belang is.

Op onze geestelijke weg is het hetzelfde. Ik moet niet weten hoe alles precies in elkaar zit en alles begrijpen. Ik moet niet weten hoe het na de dood allemaal zal zijn. Ik moet ook niet weten waarom de Heer jou bijvoorbeeld geroepen heeft om als evangelist te dienen en mij niet. Om eerlijk te zijn: onze kennis beperkt zich tot een fractie van een ganse oceaan aan kennis die te verwerven is.

Maar wij mogen niet de fout maken, die sommigen maken: ze zeggen dan dat wij daarom nooit kunnen zeker zijn dat God ook echt wil wat Hij in Zijn woord zegt. Dit is een gedachte die de duivel ons wil influisteren. "Zou God gezegd hebben? Zou God werkelijk bedoelen wat Hij zegt?" Ja, dat doet Hij. Hij speelt geen spelletjes met ons. Hetgeen Hij ons geopenbaard heeft is geldig en zoals Paulus zei: Hij wil dat wij niet onverstandig zijn maar Zijn wil ontdekken en erin leven: als het om zijn waarden en normen gaat, als het om onze roeping gaat, als het om onze verlossing gaat, om genezing, om bevrijding, om het leven in geloof, enz.

God heeft geen verborgen agenda en ook geen geheim en duister plan:

 
Elk geschenk dat goed en volmaakt is, komt uit de hemel, van de Vader van het licht. Hij blijft altijd en eeuwig Dezelfde. Hij verandert nooit. Er zal nooit een spoortje duisternis in Hem te vinden zijn.
— Jakobus 1:17
 

Misschien vraag je nu: “Maar Chris, wat is dan met Jesaja 55? Jesaja zegt toch dat Gods gedachten zoveel hoger zijn dan onze gedachten?” Dat is waar. Maar de verzen in Jesaja 55 behoren tot de meest misbruikte verzen uit de Bijbel. Men denkt ermee te kunnen aantonen dat wij Gods wil niet kunnen kennen. Maar dat zegt Jesaja niet. Hij zegt net het tegenovergestelde. Jesaja zegt tegen het volk dat het zich moet bekeren en tot God moet terugkeren. Waarom? Om Zijn gedachten en wegen, dus Zijn wil, juist te leren kennen:

 
Zoekt de Here, terwijl Hij Zich laat vinden; roept Hem aan, terwijl Hij nabij is. De goddeloze verlate zijn weg en de ongerechtige man zijn gedachten en hij bekere zich tot de Here, dan zal Hij Zich over hem ontfermen – en tot onze God, want Hij vergeeft veelvuldig.
— Jesaja 55:7
 

Is dit niet in wezen hetzelfde wat Paulus in Romeinen 12 zegt?

 
En wordt niet gelijkvormig aan deze wereld, maar wordt hervormd door de vernieuwing van uw denken, opdat gij moogt erkennen wat de wil van God is, het goede, welgevallige en volkomene.
— Romeinen 12:2
 

God zegt niet tegen ons: "Pech voor jullie. Jullie kunnen mijn gedachten niet kennen!" Neen! Het tegendeel is waar. Hij roept ons juist op om Hem als het ware te bestormen, om Hem en Zijn wil beter te leren kennen. En als je naar Jezus kijkt, zie je die wil heel duidelijk geopenbaard, want Jezus kwam "om ons alles bekend te maken wat Hij van de Vader gehoord heeft." En dit is nodig, want een gebrek aan kennis kan gevaarlijk zijn, zoals we in Hosea lezen:

 
Mijn volk gaat te gronde door het gebrek aan kennis.
— Hosea 4:6
 

In Zijn wil leven

Om te eindigen wil ik je nog een vraag stellen: als ik in mijn gps het adres in Duitsland ingeef en op start klik nadat mijn gps de weg uitgestippeld heeft, ben ik dan reeds waar ik moet zijn? Op zich een domme vraag, dat weet ik. Maar ik ben er natuurlijk nog niet. Ik moet beginnen rijden en de instructies van de gps volgen. Zo kom ik dan uiteindelijk tot mijn doel.

En zo is het ook met Gods wil. Alles begint met het kennen van Zijn wil. Eens wij Zijn wil kennen, moeten wij echter beginnen erin te leven. Dit doen we in de eerste plaats door geloof, vertrouwen en volharding, maar ook door concrete stappen te zetten. Een voorbeeld is de genezing van fybromyalgie die ik heb mogen ontvangen. Ik wist dat God mij wil genezen. Dus begon ik ermee, uit te spreken dat de Heer mij zal genezen.

Op een dag zat ik dan in de broederraad en iemand zei: "Chris, misschien is er iets dat je moet belijden, zoals in Jakobus staat." Onmiddellijk kreeg ik een beeld waarin ik mezelf zag staan. Ik had mijn zwaard (een beeld voor Gods woord) weg gestoken en was gestopt het goede te belijden omdat ik ontgoocheld was. Iemand anders had een beeld van een roer van een schip dat door een ketting vastgebonden was. In beide gevallen ging het om mijn tong. Ik was gestopt te belijden wat God in Zijn woord zegt. Paulus zegt dat wij de Geest des geloofs hebben ontvangen en dat wij daarom ook overeenkomstig dit geloof spreken. Ik had dit een stuk losgelaten omdat ik teleurgesteld was. Na deze openbaring beleed ik dit aan de Heer. Daarna legden ze me de handen op en werd ik ter plaatse genezen. Dit is enkele jaren geleden gebeurd en ik ben nog steeds genezen. Prijs de Heer!

Begin dus te bidden om openbaring van Gods wezen, wil en wegen. Bid om de Geest van openbaring, om te weten wat Gods wil is en hoe groot je erfenis in Jezus is. Wordt vernieuwd in je denken door Gods woord te lezen en te beluisteren en bijt je dan vast in hetgeen de Heer je vanuit Zijn woord openbaart. Zijn wil is "het goede, welgevallige en volkomene." (Romeinen 12:2) De dief komt om te stelen en te bederven, maar Jezus is gekomen opdat wij leven zouden hebben en leven in overvloed (Johannes 10:10). Hij is de goede Herder. Wij horen Zijn stem en volgen Hem. En:

 
Hoeveel beloften Gods er ook zijn, in Hem is het: Ja; daarom is ook door Hem het: Amen, tot eer van God door ons.
— 2 Korintiërs 1:20
 

 

Geworteld en gegrond in Gods liefde

Geworteld en gegrond in Gods liefde

 

Als kind en tiener zat ik vaak buiten in de tuin van mijn ouders wanneer het stormde. Ik hield ervan om de bomen te zien bewegen, om de kracht van de wind te voelen en de bladeren te zien opwaaien die op de grond lagen. De kracht van de natuur is bijzonder en het maakt tot op vandaag indruk op mij. Zeker als ik bedenk dat de Heer nog oneindig veel sterker is.

In al die jaren zag ik echter nooit een boom omvallen door de wind, laat staan dat het huis van mijn ouders zou omgewaaid zijn. Hoe komt dat? Omdat die bomen diepgeworteld zijn en het huis stevig gegrondvest is. Er zou een bijzonder brute storm voor nodig zijn om een diepgewortelde boom te doen omvallen en een stevig gegrondvest huis te doen omwaaien.

Paulus betrekt deze dingen op ons geestelijk leven. Hij schreef dat wij als kinderen Gods geworteld en gegrond moeten zijn in de liefde Gods:

 
Geworteld en gegrond in de liefde, zult gij dan samen met alle heiligen, in staat zijn te vatten, hoe groot de breedte en lengte en hoogte en diepte is, en te kennen de liefde van Christus, die de kennis te boven gaat, opdat gij vervuld wordt tot alle volheid Gods.
— Efeziërs 3:17-19, NBG
 

In een andere vertaling wordt het nog duidelijker:

 
Ik bid… dat u geworteld zult zijn in Gods liefde en daarop uw leven zult bouwen. Dan zult u, samen met alle gelovigen, zien hoe breed, lang, hoog en diep de liefde van Christus is. U zult ervaren en begrijpen dat die liefde van Christus ons menselijk verstand te boven gaat. Uw hele wezen zal dan vol van God zijn.
— Efeziërs 3:17-19, HTB
 

Wil je standhouden tijdens een hevige storm? Dan moet je hart diepe wortels schieten. Deze moeten alsmaar dieper verankerd zijn in de liefde van de Vader. Heel je leven moet op Zijn liefde gebouwd worden, stevig en vast. Ook als het bijzonder heet is en er nauwelijks regen valt, blijven de meeste bomen toch groen en dragen ze vrucht omdat hun wortels zo diep gegroeid zijn dat zij water uit de grond kunnen trekken. In droge periodes in ons leven, in woestijn periodes, wanneer er weinig verandering lijkt te zijn en de grond om ons heen hard is geworden, kunnen wij desondanks bloeien en vrucht dragen als onze wortels tot diep in de liefde van de Vader reiken. Dan kunnen wij kracht en hoop putten, zelfs als de bronnen van de wereld uitgeput zijn. Daarom schreef Paulus: "Ik bid… dat u geworteld zult zijn in Gods liefde en daarop uw leven zult bouwen."

 
Dat u geworteld zult zijn in Gods liefde en daarop uw leven zult bouwen.
— Paulus (Efeziërs 3:17)
 

Geef het de nodige tijd

De groei van wortels en het bouwen van een huis neemt echter tijd in beslag. Dit is niets wat van vandaag op morgen zal gebeuren. "Rap, rap" is zelfs slecht voor een boom of een huis. De wortels moeten sterk worden, langer worden, dieper groeien. En bij een huis moet steen op steen gelegd worden en kan men niet plan- en doelloos beton tegen muren gooien. Geduld en toewijding, nauwkeurigheid en doorzettingsvermogen zijn nodig.

Wij moeten dus leren dat de belangrijke dingen in het leven soms even duren alvorens zij verwezenlijkt zijn. Dit is zo moeilijk voor ons omdat de tijdsgeest het tegenovergestelde op ons afvuurt: "Vandaag besteld, morgen in huis", "Speed dating", alsmaar snellere computers en smartphones, "minute soup", noem maar op …. Ons vlees doet daar graag aan mee, want ons vlees is ongeduldig en wil alles met zo weinig mogelijk inspanning zien gebeuren. Niet zo in het Koninkrijk van God. Jezus zei: "Dag en nacht gaan voorbij". Met andere woorden: geef het de nodige tijd en geef vooral niet op. Rome werd ook niet in een dag gebouwd.

Geef de weerstand op

Ik wil eerlijk zijn: tot een aantal jaren geleden had ik het moeilijk met dergelijke verzen. Waarom? Omdat ik mensen leerde kennen die de liefde Gods als excuus gebruikten om vleselijk te leven en te zondigen, om ongezeglijk te zijn en de Bijbel te verdraaien om zo hun eigen agenda te verwezenlijken. Als ik dan iemand hoorde spreken over de liefde van de Vader en dat ons leven daarop moest gebouwd worden, voelde ik de weerstand in mij. Ik wilde niet zo worden als deze mensen die een soort huichelende liefde hadden. Maar ik leunde daarbij op mijn verstand, terwijl Paulus toch schrijft dat de liefde van Christus ons menselijk verstand juist te boven gaat.

Als mensen de liefde van God misbruiken, ontstaat bij ons vaak een foute indruk. Wij denken dan dat een dergelijk gedrag de uitwerking van de liefde Gods is. Het gevolg is dat wij de liefde Gods dan van ons afhouden en ons veiliger voelen als mensen over de vrees des Heren spreken of over heiliging. Maar laat mij duidelijk stellen: de liefde van de Vader is niet gevaarlijk en ze heeft ook geen vleselijke uitwerking. In tegendeel! Als wij vol worden van de liefde Gods, gebeurt wat Paulus schrijft: "Uw hele wezen zal dan vol van God zijn."

 
U zult ervaren en begrijpen dat de liefde van Christus ons menselijke verstand te boven gaat. Uw hele wezen zal dan vol van God zijn.
— Paulus (Efeziërs 3:19)
 

Wat een machtige en omverblazende Bijbelse waarheid! Ons hele wezen zal vol zijn van God als wij helemaal geworteld en gegrond zullen zijn in Zijn liefde! Meer dan "vol" en meer dan "het hele wezen" is niet mogelijk. Dat is het maximum. Geef dus je weerstand tegen de liefde van God op. Laat toe dat je wortels groeien en je huis gebouwd wordt, steen voor steen, wortel voor wortel.

De eigenschappen van Gods liefde

Sta mij toe je vanuit het Woord te tonen dat het goed is om ons leven op de liefde Gods te bouwen. Paulus beschrijft de eigenschappen van de liefde in 1 Korinthiërs 13. Door deze eigenschappen zien wij dat de liefde Gods ons niet aanzet tot zonde of een vleselijk en egoïstisch leven. In tegendeel:

 
De liefde is geduldig, de liefde is vriendelijk, de liefde is niet jaloers. Zij doet niet gewichtig en is niet trots, zij kwetst niet, is niet egoïstisch en voelt zich nooit beledigd, zij neemt niemand iets kwalijk, zij is niet blij met onrecht, maar juist met de waarheid. De liefde beschermt altijd, heeft altijd vertrouwen, verwacht het altijd van God en houdt stand.
— 1 Korinthiërs 13:4-7, HTB
 

Als wij ons leven op Gods liefde bouwen, zullen wij vriendelijke mensen worden die niet jaloers zijn, mensen die niet trots of ijdel zijn. We zullen niet meer egoïstisch zijn. We zullen mensen vergeven als zij ons schade berokkenen. Wij zullen ons helemaal niet verheugen als er vleselijk en ongepast gedrag vertoond wordt. In plaats daarvan zullen wij van de waarheid houden, in een liefde die niet los te maken is van Gods gerechtigheid en heiligheid. Door deze liefde zullen wij ook de vreze des Heren juist begrijpen. Deze vrees is geen angst, maar een diep respect en ontzag voor de Heer die ons onvoorwaardelijk lief heeft. Als wij in Gods liefde zullen geworteld zijn, zullen wij de zwakken beschermen, mensen vol vertrouwen en geloof zijn, het altijd van God verwachten en standhouden. Ja, standhouden. In de storm en in de woestijn.

De liefde van God maakt dus geen zwakke mensen van ons. Ze maakt mensen van ons die weten wie ze zijn in Jezus, die zoveel van de Vader houden dat ze de zonde zullen haten en die standhouden ook als het even tegenzit.

Paulus gaat zelfs zover om te zeggen dat alle gaven en talenten en zelfs het grootste geloof, de diepste kennis van de grootste geheimenissen, en een leven vol goede werken, volledig waardeloos zijn als wij deze liefde niet hebben. Met andere woorden: als wij ons leven niet op de liefde van de Vader bouwen, zullen wij een leven van Farizeeërs en Schriftgeleerden leiden die bezig zijn met uiterlijk vertoon en zelf-gerechtigheid. We zullen dan liever onder de wet leven dan onder de genade en ons bezig houden met religie in plaats van een levendige relatie met Jezus.

Jezus zelf zei dat de liefde de vervulling van de ganse wet en alle profeten is. God is liefde en als wij Zijn liefde niet toelaten in onze harten zullen wij moeten leven uit menselijke liefde en menselijke kracht. Dan zijn we voorbestemd om te stranden op een rots van teleurstelling, schuldgevoelens en bitterheid, omdat wij zonder Hem en zonder Zijn liefde niets kunnen doen wat van geestelijke waarde is.

De juiste volgorde

Wanneer kan ik in een huis wonen? En wanneer kan een boom vrucht dragen? Als de bouw van het huis voltooid is en als de boom gegroeid is met voldoende diepe wortels. Dit is duidelijk en niemand zal eraan twijfelen. Maar wij denken wel dat wij een God welgevallig leven kunnen leiden zonder geworteld en gegrond te zijn in de liefde Gods. Dat gaat niet. We moeten op de juiste volgorde letten. Eerst moeten wij Zijn liefde ontvangen en erin groeien, ons leven erop bouwen, alvorens wij kunnen leven zoals God het wil. Niet omgekeerd.

 
Eerst moeten wij Zijn liefde ontvangen en erin groeien, ons leven erop bouwen, alvorens wij kunnen leven zoals God het wil.
 

Het gevolg kan nooit de voorwaarde worden. Goede werken zijn een gevolg van Gods liefde voor ons. Maar goede werken kunnen nooit de voorwaarde worden om door God geliefd te worden. Ik rijd toch ook niet met een auto om te kunnen tanken. Ik tank om te kunnen rijden.

Lees wat Johannes over de liefde schrift en je zult nog duidelijker zien dat alles met Gods liefde begint:

 
De liefde waarover het hier gaat, is niet onze liefde voor God, maar zijn liefde voor ons. Daarom stuurde Hij zijn Zoon, die de straf voor onze zonden op Zich heeft genomen om de verhouding tussen God en ons weer goed te maken. Omdat God ons zo heeft liefgehad, moeten wij elkaar ook liefhebben.
— 1 Johannes 4:10-11, HTB
 

Zie je het? Het vertrekpunt is Zijn liefde voor ons. Niet onze liefde voor Hem. Pas als wij Zijn liefde voor ons ontvangen hebben, kunnen wij anderen liefhebben.

Wil dit zeggen dat wij niets meer kunnen doen alvorens wij helemaal tot de volheid zijn gekomen? Neen. God wil dat wij leven vanuit hetgeen Hij ons op dit moment omtrent Zijn liefde geopenbaard heeft, overeenkomstig de bouwfase in ons leven dus. Overeenkomstig de diepte van onze wortels. En naar mate deze openbaring zal toenemen, zal ook de vrucht die wij voortbrengen groeien. Leef dus in wat je reeds hebt, en vertrouw erop dat de Heer zal toevoegen.

Stevig staan in Zijn liefde voor ons

God wil niet dat wij ons hele leven lang als vlaggen in de wind zijn. Vlaggen bewegen altijd met de wind mee. Ze zijn onbestendig en wankelbaar. Mensen die als vlaggen zijn, veranderen om de haverklap van mening en visie. Ze zijn emotioneel instabiel en hun ervaringen vormen de basis voor hun geloof. Als het meezit is God goed. Als het tegenzit is Hij mysterieus en ondoorgrondelijk.

Hoe meer wij ons leven op Zijn liefde bouwen en onze wortels laten geworteld zijn in Zijn wezen dat liefde is, hoe steviger wij zullen kunnen staan. Wij zullen een vast karakter ontwikkelen, een onwankelbaar geloof, en een hoop die het positieve verwacht. Ik zal heel eerlijk zijn: toen mijn pa aan kanker stierf, kwam de vijand af en fluisterde hij in mijn oor: "Zwijg nu toch eindelijk over de goedheid van God." Maar ik zal het nog veel luider uitroepen: "Mijn God is goed. Hij is liefde. Hij was niet de bron van de kanker en Zijn wil was het goede voor mijn vader, niet een leven van pijn en dood.".

 
Ik zal het nog veel luider uitroepen: ‘Mijn God is goed!’
 

Maar hoe kunnen wij dit dan met elkaar verzoenen? Hoe kan dit Gods wil niet zijn en toch gebeuren? Ik wil je een vraag stellen om hierop te antwoorden: hoe kan God willen dat niemand verloren gaat en allen tot kennis van de waarheid komen en toch sterven velen ongelovig en gaan voor eeuwig verloren? Niet alles wat God wil, gebeurt ook. God wil niet dat wij zondigen. God wil niet dat wij onze samenkomsten verzuimen. God wil dat iedereen bijdraagt en zorg draagt. Maar zo vaak gebeurt net het tegenovergestelde. God wil niet dat wij ons ergeren, maar misschien erger je je nu aan mij omdat ik dit schrijf.

Er is zoveel te zeggen over de wil van de mens, de gevallen wereld, de vijand, ons vlees, ons ongeloof en twijfels waardoor wij zoveel missen… maar op het einde van de dag weten wij vaak niet wat de oorzaak precies was. Ik weet niet waarom mijn pa niet genezen is. Maar weet je wat ik wel weet? Dat God van mij houdt, dat mijn pa nu aan het genieten is, dat ik op een dag voor God zal staan en dit alles zal begrijpen, en dat Hij ondanks alles een goede God is die steeds het goede met ons voorheeft.

Omdat ik voor een stuk geworteld ben in Gods liefde, nu meer dan een aantal jaren geleden tenminste, kan ik de dood van mijn vader plaatsen. Het verandert mijn overtuiging aangaande genezing niet en doet het mij niet aan Gods wil en liefde twijfelen. En dit zeg ik niet tot mijn eer, maar tot Zijn eer, want dit is niet mijn prestatie, het is het werk van Zijn liefde in mij. Dit heet genade. Een genade die God eenieder van ons wil schenken.

Groeien in Gods liefde

Hoe groeien wij in Gods liefde? Voornamelijk door gemeenschap te hebben met Hem. Lees Zijn Woord en breng tijd door met je Vader in de hemel door gebed en aanbidding. Daarbij kun je met het Johannes evangelie beginnen. Johannes wordt "de apostel der liefde genoemd." Hij zei van zichzelf dat Jezus hem liefhad. En hij gebruikt daarbij verschillende woorden in de grondtekst. Een keer gebruikt hij het woord voor goddelijke liefde, een andere keer een woord dat spreekt van vriendschap en genegenheid. Hij zegt dus van zichzelf dat Jezus hem liefhad met een goddelijke liefde, maar ook omdat Hij hem graag had als vriend. Met andere woorden: Jezus hield ervan om tijd met Johannes door te brengen en was hem genegen.

 
Jezus houdt van jou, met een vriendschappelijke liefde, met oprechte en pure genegenheid.
 

Dit geldt ook voor ons. Jezus houdt van jou met de liefde van de Vader en Hij houdt van jou met een vriendschappelijke liefde, met oprechte en pure genegenheid. Vraag daarom de Heilige Geest om je deze liefde te openbaren, want enkel door openbaring zullen wij deze liefde kunnen zien, ontvangen, omarmen en erin leven. Waarom? Omdat Paulus zegt dat Gods liefde ons verstand te boven gaat. Net zoals Zijn vrede. Daarom bidden wij tijdens de bidstonden om verlichte ogen van ons hart, om te kunnen zien wie God is en welke liefde Hij voor ons heeft. Een laatste tip: luister naar preken over Gods liefde of lees een boek erover. Natuurlijk moeten wij niet alles gehoorzamen, alles moet eerst aan hand van de Bijbel getoetst worden. Het goede ervan moeten wij behouden. Zo lang het ons maar helpt om te groeien en God te verheerlijken.

Begin dus te bouwen en laat je wortels schieten… om geworteld en gegrond te zijn in Zijn onvoorwaardelijke liefde.

Amen.


 

Highway to Heaven

Highway to Heaven

 

Micha (48) woont samen met zijn vrouw Ilse (47) in het landelijke deel van Deerlijk, waar ze omringd worden door 2 honden, enkele fretjes en een aantal roofvogels. Samen hebben ze twee kinderen, Elien en David. Micha heeft rust gevonden in zijn leven. Maar dat is niet altijd zo geweest, vertelt hij zelf …


 
 

Tijdens mijn kindertijd waren mijn ouders Jehovah’s Getuigen. Ik geloofde ook in God, maar door alle wetten en regeltjes, ellenlange deur-tot-deurwandelingen en saaie bijeenkomsten had ik een negatief beeld over de kerk. Op school werd ik uitgelachen, want ik was ‘wereldvreemd’ omdat we thuis geen verjaardagen of Kerstmis vierden. Mijn realiteit was anders dan die van mijn leeftijdsgenoten en ik werd het buitenbeentje van de klas.

Toen ik 10 jaar oud was, stonden mijn ouders niet meer achter de leer van de Jehovah’s Getuigen. We verlieten de kerk waardoor er een moeilijke periode aanbrak. Mijn ouders raakten vrienden kwijt, mijn vader greep naar de fles en zelf werd ik op school steeds vaker gepest. Ongeveer 2 jaar later kwamen mijn ouders in contact met pinksterchristenen en sloten ze zich aan bij een huiskerk. Door mijn ervaring met de Jehovah’s Getuigen, had ik geen zin meer om mee te gaan. Onder dwang van mijn ouders ben ik één keer gegaan, maar omdat ik het te bont had gemaakt, is het daarbij gebleven.

Als tiener begaf me steeds vaker in de wereld van de heavy metal. Ik leerde vrienden kennen die met dezelfde problemen worstelden als ik. We waren rebels, wilden uitgaan en stoer doen. In de zomervakantie liepen we weg van huis en werden we opgegeven als vermist. Toen ik enkele dagen later terug thuis kwam, werd ik niet warm onthaald. Diezelfde vakantie probeerde ik me te herpakken, want in september zou ik naar een nieuwe school gaan. Ik besloot geen pesterijen meer te accepteren, maar tijdens de eerste schooldag liep het al fout: toen alle namen werden afgeroepen om te controleren op aanwezigheid werd mijn naam verkeerd uitgesproken. De kerel die mij uitlachte moest het ontgelden. Mijn reputatie was meteen gemaakt.

Biker on the run

Op mijn veertiende startte ik al op leercontract in een slachthuis. Ik ging steeds vaker uit en belandde zo in het bikersmilieu. Het voelde als thuiskomen. Als jongste van de bende werd ik de mascotte. Ik trok er vaak op uit met mijn bromfiets—wat later zelfs met een echte motorfiets. Mijn ouders hadden intussen hun plek gevonden in de kerk Ichthus. Ze zagen dat ik op zoek was maar de weg niet vond, en begonnen vurig voor mij te bidden.

Ik trok steeds vaker op met oudere jongens en zocht naar nieuwe kicks. Het gebruik van alcohol en drugs nam snel toe, net als de drang om te vechten. Zo herinner ik me een avond dat ik ruzie had met zowat iedereen in het café. De ruzie escaleerde en ik sloeg mijn glas kapot om iemand neer te steken. Even later werd ik wakker in een ander café, maar ik wist niet hoe ik daar terecht gekomen was. Deze gebeurtenis zorgde voor een keerpunt in mijn leven—al kan ik nog steeds niet verklaren waarom—maar toen ik om 4 uur ’s ochtends thuis kwam, zei ik tegen mijn moeder dat ik zondag mee zou gaan naar Ichthus.

 
 

Terwijl Martie met mij bad, vertelde ze dingen uit mijn leven die niemand wist. Deze ervaring was een nieuwe mijlpaal. God had gesproken. Ik wilde mijn leven in Zijn handen leggen.

 
 

Ichthus – eindelijk rust?

Op achtienjarige leeftijd stapte ik voor het eerst Ichthus binnen. Inhoudelijk stak ik er weinig van op, maar door er gewoon te zijn, ervoer ik een ongekende rust. Vanaf toen bevond ik me tussen twee werelden: die van het uitgaan en die van een verlangen naar innerlijke rust. Ik probeerde me te herpakken door me als een christen te gedragen, maar ik bleef de touwtjes stevig in handen houden. Door regelmatig naar Ichthus te gaan, ontmoette ik mensen die me steunden in mijn zoektocht naar rust en mijn verlangen om als christen te leven. Ik leerde er ook Ilse kennen en we begonnen een relatie.

 
 

Wat later woonden we samen een conferentie bij van Martie Haaijer, een Nederlandse evangeliste. Tijdens haar samenkomsten werd er met mensen gebeden, maar ik bleef koppig op mijn stoel zitten. Toen ze een specifieke oproep deed voor iemand die veel had meegemaakt, wist ik dat ze het over mij had. Na lang aarzelen, stond ik toch recht. Terwijl Martie met mij bad, vertelde ze dingen uit mijn leven die niemand wist. Deze ervaring was een nieuwe mijlpaal. God had gesproken. Ik wilde mijn leven in Zijn handen leggen.

Kind van God of president van de motorclub?

Ilse en ik trouwden kort daarna en we kregen een dochter, Elien, en een zoon, David. Intussen was ik ongeveer 25 jaar en had ik in Ichthus de leiding over de tieners. Geëngageerd wilde voluit voor God leven. Wat later stapte ik mee in het bestuur van het christelijk jeugdhuis “De Weerstand”. Toch voelde ik me nog steeds een buitenbeentje. Het gevoel nergens écht bij te horen bleef maar knagen. Ik zag mezelf zoals ik dacht dat mensen me zagen. Ik probeerde de juiste dingen te doen, maar vanuit eigen kracht.

Ik sloot me aan bij de christelijke motorclub CMA (Christian Motorcycle Association). We zochten andere clubs op om hen over God te vertellen. Vanzelfsprekend liep ik oude bekenden tegen het lijf, maar in plaats van hen te vertellen over mijn nieuwe leven met God, liet ik me terug beïnvloeden. Toen we met 3 leden van de CMA geschorst werden, besloten we zelf een nieuwe club op te richten. Het begon als een kleinschalige vriendenclub, maar we rolden in de wereld van de 'one percenters' en telden al gauw ongeveer 40 leden. Ik werd president van de club en greep terug naar drank, drugs en geweld. Terwijl Ilse voor de kinderen zorgde en al jaren voor mij bad, ging het met mij terug de verkeerde kant uit.

“Nu moet je kiezen.”

In 2008 gebeurde het onvermijdelijke. Ik werd wakker in een ziekenhuiskamer—naakt en vastgebonden aan een bed. Chirurgen waren uren aan het werk geweest om mij te redden van een overdosis. Ilse kon het even niet meer aan en kwam niet meteen op bezoek. Terwijl ik daar alleen lag, heb ik God heel intens ervaren. Hij zei: 'Mijn hand is altijd boven je hoofd geweest, maar nu moet je kiezen. Als je voor Mij kiest, geef Ik je je leven en je gezin terug. Ik zal je in alles herstellen en alles ten goede keren. Ik laat je echter los wanneer je ervoor kiest om door te gaan zoals je nu leeft.’. Hij kon niet duidelijker zijn. Ik moest kiezen en toch had ik het daar erg moeilijk mee, want als president van mijn club had ik macht en aanzien. Geert, een vriend uit Ichthus, stuurde mij in de juiste richting zonder het zelf te beseffen. Nog voor ik in het ziekenhuis was beland, had hij geholpen bij onze verhuis. Hij deed zowat alles, terwijl ik aan het drinken was met mijn vrienden. Twee dagen nadat ik uit het ziekenhuis was ontslagen, stond hij aan mijn deur. Omdat ik respect voor hem had gekregen door de verhuis, liet ik hem binnen en hadden we een gesprek. Na lang twijfelen, koos ik toen terug voor God, met de intentie dat ik deze keer een echte relatie met Hem wilde.

 
 

Valkerij is nu een passie geworden en God gebruikt het om mij te vormen. Ik leer geduldig te zijn, wanneer de vogels niet doen wat ik wil.

 
 

In het begin dacht ik nog regelmatig aan mijn bikersclub. Ik had nog een concertticket liggen voor de rockgroep AC/DC in Amsterdam, dus besloot ik nog een laatste keer mee te gaan met mijn oude vrienden. Met zo'n dertigduizend man waren we op weg naar het optreden toen ik ineens iemand op mijn schouder voelde tikken. Toen ik mij omdraaide, vroeg een man of ik Jezus kende. Ik wimpelde hem af met een snel antwoord en draaide me terug om. Maar hij tikte opnieuw op mijn schouder en vroeg of ik Jezus écht kende. Toen ik met hem wou spreken, verdween hij in het niets. God liet me op die manier opnieuw weten dat Hij bij me was. Ik had geen zin meer in het concert. Vanaf dat moment zei ik mijn oude leven definitief vaarwel. De Heer gaf Zijn bescherming en begon mij te herstellen. Er werden serieuze afspraken gemaakt met de club. Represailles zijn in dergelijke situaties niet ongewoon, maar ze lieten me met rust. Ik heb nooit moeite gehad om van de drank en de drugs af te blijven.

Ilse steunde me vanaf het begin onvoorwaardelijk. Jarenlang zorgde ze alleen voor de kinderen, het huishouden en voor mij. Jarenlang ging ze—samen met vrienden en familie—op haar knieën voor mij en richtte ze haar ogen op God. Ze kreeg van Hem de belofte dat we voor elkaar bestemd zijn en daar is ze altijd in blijven geloven. Enkele jaren na ons huwelijk zag ze ook een beeld waarin ze de vlag aan een mast was. God waarschuwde haar dat ons huwelijk niet gemakkelijk zou zijn, maar als ze zich bleef vasthouden aan Hem, zou het standhouden—hoe hard die vlag ook zou wapperen.

“Zo zachtmoedig als Mozes.”

Toen ik volledig uit de wereld van de MC's was gestapt, had ik tijd over en begon de verveling toe te slaan. Tot ik iemand op bezoek kreeg die ooit een roofvogel had. Dat sprak me zo aan dat ik meteen een roofvogelclub bezocht en me inschreef voor een opleiding tot valkenier. Ik studeerde twee jaar later af met grote onderscheiding. Valkerij is nu een passie geworden en God gebruikt het om mij te vormen. Ik leer geduldig te zijn, wanneer de vogels niet doen wat ik wil. Ik word euforisch wanneer ze na enkele dagen terugkomen uit die ene boom waar ze koppig bleven zitten. Op die manier laat God me zien hoe euforisch Hij is telkens ik bij Hem terugkom.

Jaren geleden, tijdens de conferentie met Martie Haaijer, kreeg ik dit woord: "Ik maak je zo zachtmoedig als Mozes". God is nog steeds aan het werk in mij. In mijn leven heb ik vooral dit geleerd: “Je bent niet wie je bent in de ogen anderen. Je bent wie God zegt dat je bent, namelijk uniek, geliefd, waardevol en gemaakt naar Zijn beeld!”

 

Vervuld en beëindigd

Vervuld en beëindigd

 

Sinds vele jaren word ik geregeld gevraagd hoe het nu precies zit met de wet, met geboden zoals de besnijdenis, wassingen, voorschriften betreffende maaltijden en bepalingen rond offers en uiterlijkheden. Mogen wij als Christenen varkensvlees eten? Moeten wij bepaalde Joodse feesten vieren of specifieke rituelen praktiseren? En wat betekent het nu precies dat Jezus de wet vervuld heeft? Zijn wij dan ook écht vrij van de wet of gaat dit te ver?

In het Nieuwe Testament lezen wij dat wij niet de enige mensen zijn met dergelijke vragen. Heel wat Joden die tot geloof in Jezus gekomen waren, hadden ook deze vragen. Voor hen hadden deze vragen echter nog een veel grotere impact dan voor ons, want ze hadden gans hun leven onder die wet geleefd. Ze lieten zich besnijden en probeerden zich te houden aan alle geboden en voorschriften. Ze moesten geregeld offers brengen en hielden zich nauwlettend aan de voorgeschreven feestdagen en rituelen. Het was dan ook niet altijd even gemakkelijk voor hen om de nieuwe leer, die door Jezus en de apostelen verkondigd werd, te aanvaarden. Velen van hen probeerden dan ook het oude en het nieuwe samen te brengen door in Jezus te geloven maar tegelijkertijd ook heel wat voorschriften van de wet na te leven.

De Galatenbrief

Dit is de reden waarom de Galatenbrief door Paulus geschreven werd, en ook de brief aan de Hebreeën behandelt dit thema uitvoerig. Als je de woorden van Paulus in Galaten leest, zal je vlug merken dat Paulus geenszins verheugd was over het feit dat de Galaten een mengelmoes van de wet en de genade, en van dode werken en geloof aan het praktiseren waren. Hij is erg "verbaasd" over hen (Galaten 1:6), noemt hen "onverstandig" en vraagt hen wie hen heeft "betoverd" (Galaten 3:1). Dat is sterke taal! Hij vraagt zich ook af, of zijn verkondiging bij hen "tevergeefs" is geweest (vers 4). En hij valt meteen met de deur in huis en zegt dat wie uit werken van de wet gerechtvaardigd wil worden "onder de vloek staat" (vers 10). "Bij de wet gaat het niet om geloof", zegt hij (vers 11), en in hoofdstuk 1 laat hij hen duidelijk weten dat een mengelmoes van de wet en het geloof in Jezus een vals evangelie is, dus een foute en zelfs gevaarlijke leer:

 
Het verbaast mij, dat gij u zo vlug van degene, die u door de genade van Christus geroepen heeft, laat afbrengen tot een ander evangelie, en dat is geen evangelie. Er zijn echter sommigen, die u in verwarring brengen en het evangelie van Christus willen verdraaien. Maar ook al zouden wij, of een engel uit de hemel, u een evangelie verkondigen, afwijkend van hetgeen wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt! Gelijk wij vroeger reeds gezegd hebben, zeg ik thans nog eens: indien iemand u een evangelie predikt, afwijkend van hetgeen gij ontvangen hebt, die zij vervloekt!
— Galaten 1:6–9
 

Ik weet niet of wij dit zouden durven zeggen, maar Paulus durfde het wel: als wij de besnijdenis verkondigen en op de wet vertrouwen om gered te worden, staan wij onder een vloek: de vloek van de wet. En meer nog: als wij werkelijk door de wet zouden gerechtvaardigd kunnen worden, was Jezus tevergeefs gestorven:

 
Indien er gerechtigheid door de wet is, dan is Christus tevergeefs gestorven.
— Galaten 2:21
 

Met andere woorden: als wij zeggen dat de wet voor ons nog van toepassing is, zeggen wij dat Jezus niet aan het kruis had moeten sterven. Maar dat moest Hij wel, want: "Uit werken der wet zal niemand gerechtvaardigd worden" (Galaten 2:16). "Want allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid Gods, en worden om niet gerechtvaardigd uit zijn genade, door de verlossing in Christus Jezus. Want wij zijn van oordeel, dat de mens door geloof gerechtvaardigd wordt, zonder werken der wet." (Romeinen 3:23-24, 28) "Want door genade zijt gij behouden, door het geloof, en dat niet uit uzelf: het is een gave van God; niet uit werken, opdat niemand roeme." (Efeziërs 2:8-9)

Jezus heeft de wet vervuld

Jezus zelf zei dat Hij gekomen was om de wet te vervullen:

 
Meent niet, dat Ik gekomen ben om de wet of de profeten te ontbinden; Ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen.
— Mattheus 5:17
 

Jezus maakte duidelijk dat Hij niet was gekomen om Mozes tegen te spreken of de profeten valse profeten te noemen. Neen. Hij werd "geboren onder de wet, om hen die onder de wet waren, vrij te kopen, opdat wij het recht van zonen zouden verkrijgen". (Galaten 4:4-5) Het is belangrijk dat wij dit goed begrijpen. Jezus moest onder de wet geboren worden, de wet naleven, zich laten besnijden en de wet volkomen vervullen om "hen die onder de wet waren, vrij te kopen". Jezus kon de wet niet zomaar van tafel vegen en de profeten over boord gooien. Neen. Hij moest alles doen wat in de wet stond, en elke profetie die over Hem geschreven werd vervullen, om ons de vrijheid te kunnen schenken. Enkel zo kon Zijn gerechtigheid ook die van ons worden.

Dat de wet door Jezus werd vervuld betekent dan ook:

  1. De geboden en eisen van God, betreffende een rechtvaardig en zondeloos leven, werden door Jezus vervuld.
  2. Het gehele oude testament (of oude verbond) werd door Jezus vervuld.
  3. De profetieën over de Messias werden door Jezus vervuld.

Omdat Hij dit deed, zijn wij nu Gods gerechtigheid geworden in Hem, volledig geheiligd en met God verzoend. We hebben vrede met God en de schuldbrief (= de wet), werd aan het kruis genageld en vereffend. Hij werd voor ons tot zonde gemaakt opdat wij in Hem Gods gerechtigheid zouden worden. En dit zijn we nu ook, vrij van veroordeling. Wij moeten ook geen offers voor onze zonden meer brengen, want Jezus heeft als de volmaakte Hogepriester Zijn eigen bloed vergoten om ons te verlossen en te vergeven. Hij heeft de tempeldienst beëindigd en het voorhangsel weggenomen. De weg tot de Vader is vrij en Zijn bloed reinigt ons van elke ongerechtigheid. Wij zijn eens en voor altijd geheiligd door één volmaakt offer (zie brief aan de Hebreeën).

Jezus heeft de wet beëindigd

Maar Jezus vervulde de wet niet enkel, maar Hij heeft de wet daarna ook beëindigd:

 
Hij heeft de wet met zijn geboden en voorschriften buiten werking gesteld.
— Efeziërs 2:15
Want Christus is het einde der wet, tot gerechtigheid voor eenieder, die gelooft.
— Romeinen 10:4
 

Verder zegt de Schrift dat wij van de wet ontslagen werden, dood zijn voor haar. Met andere woorden we hebben geen verplichtingen meer naar de wet toe en leven niet meer onder de wet. We zijn kinderen der belofte, vrijgekocht om ons niet opnieuw een juk der slavernij, de slavernij van de wet, te laten opleggen.

Stel je voor dat ik je een aantal opdrachten zou geven die je zou moeten vervullen om € 1.000.000 te ontvangen. Na een tijd van proberen en grote inspanningen doen, zou je vaststellen dat die opdrachten zodanig moeilijk zijn, dat je nooit in staat zult zijn om ze te vervullen. Daar gaat jouw miljoen dus. Maar dan komt iemand en zegt: "Ik zal die opdrachten voor je vervullen." Uiteraard mag die persoon mijn opdrachten niet zomaar ontbinden of weggooien. Om het geld te ontvangen zou hij ze moeten vervullen, exact zoals ik ze voorgeschreven heb. En zo doet hij dat dan ook. Aan het einde van de rit, nadat hij alles succesvol en volmaakt heeft volbracht, zegt hij dan: "Ik heb alles vervuld, Chris zal je nu het geld moeten geven." En exact zo is het ook bij God. Jezus heeft de voorschriften en eisen, die God had opgesteld, voor jou vervuld. Hij kocht je zo vrij, gaf je het recht een kind van God te zijn en bracht je onder de zegen van Abraham:

 
Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek der wet door voor ons een vloek te worden; want er staat geschreven: Vervloekt is eenieder, die aan het hout hangt. Zo is de zegen van Abraham tot de heidenen gekomen in Jezus Christus, opdat wij de belofte des Geestes ontvangen zouden door het geloof.
— Galaten 3:13–14
 

Laat me je nu deze vraag stellen: nadat mijn opdrachten door die persoon vervuld werden en je het geld hebt ontvangen, moet je dan de opdrachten opnieuw vervullen om het geld te krijgen? Natuurlijk niet! De opdrachten werden reeds vervuld en je hebt het geld reeds ontvangen, de opdrachten zijn dus niet langer van toepassing. Door ze te vervullen heb je geen verplichtingen meer naar de opdrachten toe, ze zijn "buiten werking gesteld". Evenzo is de wet buiten werking gesteld en is Jezus het einde der wet geworden.

Leven door de Geest

Daarom leven wij nu geleid door de Geest van God en niet meer geketend door de wet:

 
katie-chase-180320.jpg

We waren aan de wet geketend, maar nu zijn we bevrijd; we zijn dood voor de wet, zodat we niet meer de oude orde van de wet dienen, maar de nieuwe orde van de Geest.

— Romeinen 7:6

 

Halleluja! Wat een sterke taal en wat een bevrijdende waarheid! Wij zijn niet langer geketende slaven van de wet. Wij zijn dood voor de wet. Met andere woorden: het leven dat we nu leven is volledig bevrijd van de rituelen, eisen en voorschriften van de wet van Mozes. In plaats van de wet is de Geest van God gekomen om ons te leiden en bij te staan om het leven te leiden dat God welgevallig is.

Ondanks deze duidelijke taal van Paulus denken sommigen dat God wil dat wij ons van bepaalde soorten vlees of bepaald ander eten onthouden. Paulus laat echter geen twijfel bestaan dat deze voorschriften uit het Oude Testament niet voor ons gelden:

 
U mag alles eten wat er in de vleeshal wordt verkocht. Immers: ‘Van de Heer is de aarde en haar rijkdom’. Wanneer een ongelovige u uitnodigt om bij hem te komen eten en u neemt zijn uitnodiging aan, kunt u rustig alles eten wat u aangeboden wordt. Er is toch niemand die kwaad van mij kan spreken om wat ik eet, als ik God maar voor mijn eten dank.
— 1 Korintiërs 10:25, 36, 30
 

Dit kan niet meer duidelijker. En dit is ook logisch, want bij de voorschriften betreffende maaltijden en wassingen ging het ...

 
... alleen om voedsel, drank en rituele wassingen, om bepalingen over uiterlijkheden die slechts gelden tot aan de nieuwe orde
— Hebreeën 9:10
 

Door Jezus leven wij in die nieuwe orde. Hij "is het einde der wet" (Romeinen 10:4), en zo dienen wij nu in "de nieuwe orde van de Geest" (Romeinen 7:6). En: "Het eerder gegeven gebod wordt ongeldig verklaard omdat het te beperkt is en niet voldoet." (Hebreeën 7:18)

"Ja, maar moeten wij ons niet toch laten besnijden en Joden worden om écht bij de Heer te behoren?" 
Neen! Lees wat Paulus hierover zegt:

 
Opdat wij waarlijk vrij zouden zijn, heeft Christus ons vrijgemaakt. Houdt dus stand en laat u niet weder een slavenjuk opleggen. Zie, ik, Paulus, zeg u: indien gij u laat besnijden, zal Christus u geen nut doen.
— Galaten 5:1–2
 

Als je je laat besnijden om daardoor door God aanvaard te worden, verwerp je Jezus offer! Tegelijkertijd moeten Joden die zich hebben laten besnijden en pas daarna tot geloof in Jezus gekomen zijn, geen gewetenswroegingen hebben over hun besnijdenis, want:

 
Het is volkomen onbelangrijk of men wel of niet besneden is, belangrijk is dat men een nieuwe schepping is.
— Galaten 6:15
 

Je moet ook geen Jood worden om bij Jezus te behoren, want:

 
Jood is men door zijn innerlijk, en de besnijdenis is een innerlijke besnijdenis. Het is het werk van de Geest, niet een voorschrift uit de wet.
— Romeinen 2:29
 

Met andere woorden: bij God gaat het niet om een vleselijke afkomst, om het toebehoren aan een bepaald volk of het vieren van bepaalde feesten, het gaat Hem om ons hart! Om "de innerlijke mens". Dit neemt niet weg dat het volk Israël een bijzondere rol speelt en nog zal spelen. Maar dit is een andere kwestie die we hier nu niet zullen bespreken.

Weg met religie

Luister ten slotte naar deze woorden van Paulus:

 
Laat dan niemand u blijven oordelen inzake eten en drinken of op het stuk van een feestdag, nieuwe maan of sabbat, dingen, die slechts een schaduw zijn van hetgeen komen moest, terwijl de werkelijkheid van Christus is. Indien gij met Christus afgestorven zijt aan de wereldgeesten, waartoe laat gij u, alsof gij in de wereld leefde, geboden opleggen: raak niet, smaak niet, roer niet aan; dat alles zijn dingen, die door het gebruik tenietgaan, zoals het gaat met voorschriften en leringen van mensen.
— Kolossenzen 2:16-17, 20-22
 

De voorschriften betreffende voedsel, de feestdagen en de sabbat waren slechts een schaduw, maar nu de werkelijkheid (Jezus) is gekomen, moeten wij niet langer in de schaduw leven, maar mogen wij in het licht staan. Wie een feestdag wil vieren, mag dat doen, en wie zich van een bepaalde soort vlees wil onthouden, mag dat ook doen. Maar het gaat God niet om deze dingen. Deze dingen werden gegeven om naar iemand te verwijzen: naar Jezus. Ze zijn geen doel op zich. En aangezien Jezus reeds gekomen is, zijn deze verwijzingen ook niet meer nodig. Je hebt geen wegwijzer meer nodig als je reeds bij je bestemming bent toegekomen.

En Paulus laat ons zien: bij religie ("raak niet aan, smaak niet, roer niet aan"), gaat het slechts om leringen van mensen die onnuttig zijn en die zullen vergaan. Het zijn uiterlijkheden en bezigheden van het vlees. Weg ermee dus!

Natuurlijk toonde de wet ons Gods morele standaard, die geenszins veranderd is. De wet was een spiegel en een tuchtmeester, om ons tot aan de voeten van Jezus te brengen (zie Galatenbrief). Maar "daarmee gedaan", zegt Paulus. De wet heeft zijn taak vervuld en nu is de Geest in plaats van de wet gekomen. Niet om losbandig te leven, maar juist om door de Geest (niet door de wet) de werken van het vlees te overwinnen. Daarbij gaan het Woord en de Geest altijd hand in hand. De Geest zal het Woord nooit tegenspreken of ons aanmoedigen om vleselijk te leven. In tegendeel. De vrucht van de Geest is: liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtmoedigheid en zelfbeheersing (Galaten 5:22). De Geest zal ons dus nooit aanmoedigen om onvriendelijk, ongeduldig, onbeheerst of ontrouw te zijn, mensen te haten of egoïstisch bezig te zijn.

De Geest doet leven, de wet (= de letter) doodt! Laat ons dus niet terugkeren naar oude voorschriften betreffende maaltijden of ceremoniële rituelen. Dat zijn uiterlijkheden die beperkt zijn en niet voldoen. We zijn tot de volheid gekomen, waarom zouden we tot de slavernij willen terugkeren?

Amen.


 

Ik geef terug wat Hij mij gaf

Ik geef terug wat Hij mij gaf

 

“Spelen voor publiek is het ultieme doel als muzikant.” - “Applaus krijgen na een optreden geeft een enorme kick.” Deze uitspraken hoorde ik enkele weken geleden van muzikanten in het popcollege en ze brachten mij aan het denken.

Als christen en muzikant in de kerk kijk ik anders naar muziek maken en brengen.

Ik sta intussen achttien jaar op het podium, waarvan de laatste zes jaar als zangleider. Tijdens het brengen van muziek staan we met ons team letterlijk in de kijker. Mensen spreken ons aan, worden geraakt en zijn enthousiast over onze muzikale talenten.

Deze positieve reacties geven natuurlijk een fijn gevoel, maar ze zijn niet de reden waarom ik het doe.

Doorheen de jaren ben ik steeds meer gaan begrijpen dat ik mijn muzikaal talent heb gekregen van God. Ik wil het dan ook gebruiken tot eer van Hem. Het gaat niet om mij of om wat ik kan. Maar wel om wie Hij is en de manier waarop ik mensen doorheen onze muziek dichter bij Hem kan brengen.


 

The Making of Love Came Down

The Making of Love Came Down

 

In oktober 2016 begonnen we na te denken over de poster voor het Kerstfeest dat eind december zou plaatsvinden. Ik wilde niet gewoon iets ontwerpen met de computer, maar iets tastbaars maken dat we konden fotograferen. Geertrui—die het evenement organiseerde—gaf ons carte blanche. Voor designers is dat niet altijd een cadeau, want we weten graag binnen welk kader we mogen denken. Maar ik zat in m’n hoofd met een beeld dat ik een paar jaar eerder was tegenkomen op de website van een Italiaans designbureau. Ik wilde een beeld maken dat een warme sfeer uitstraalt, maar zonder de banale taferelen die rond Kerst vaak brutaal op ons netvlies worden gebrand. 

We hadden nog geen naam voor het evenement, dus ik besloot een eerste test te doen met het woord “Christ”. Gewoon koekjesdeeg maken, de letters afprinten, uitsnijden, op het uitgerolde deeg leggen en rond de letters snijden. Omdat ik geen goeie bakoven heb, was het resultaat nog niet wat het moest zijn. Maar ik zag het potentieel.

 
 
 
 

Het was tijd om er iemand bij te halen met meer ervaring in de keuken, dus legde ik het idee voor aan Femke Neels. Ze was meteen enthousiast en bereid om te helpen.
We bedachten eerst een naam voor het evenement, want daar zou veel van afhangen. Na een paar dagen heen-en-weer mailen, kwamen we uit op ‘Love Came Down’: een korte maar krachtige verwoording van waar Kerst voor staat. Liefde die in de persoon van Jezus naar onze aarde kwam. Hét bewijs dat God de initiatiefnemer is in de grote verzoening tussen Hem en de mens!

 
 

We dachten ook na over de styling. Het hele kerstgebeuren staat bol van de visuele clichés, maar we besloten al vroeg in het proces om dat soort grafiek te vermijden. Onze gedeelde voorliefde voor Scandinavisch design bepaalde uiteindelijk de visuele stijl: een strakke maar warme uitstraling door het gebruik van natuurlijke materialen.

 
 
 
 

Femke deed een geslaagde test met een ander soort letterkoekjes. En via een oproep op Facebook vonden we een prachtig blad uit carrara marmer. De shoot zelf deden we bij Femke thuis omdat we daar alle attributen voor handen hadden. De opstelling was héél eenvoudig: een soft-box en wat witte isomo om het licht te weerkaatsen op het onderste deel van het beeld.

De shoot zelf verliep heel vlot. Het leuke aan dit soort opstellingen is dat je naar hartelust kan improviseren. Zo waren de eitjes eigenlijk niet voorzien—er zitten zelfs geen eieren in het koekjesrecept—maar ze gaven een extra touch aan het beeld.

De poster hebben we uiteindelijk geprint op textielbache, boven- en onderaan afgesloten met houten latjes en opgehangen met een touw.

We maakten ook nog een flyer en een filmpje om het evenement in de kerk af te kondigen.

 
 
Persoonlijk-8852.jpg
 

 

Kom tot Jezus

Kom tot Jezus

Ik zeg tot de Heer: mijn toevlucht en mijn vesting, mijn God, op wie ik vertrouw.
— Psalm 91:2
 

Ik weet niet of ik de enige ben, maar ik kan bijzonder veel genieten van dingen die ik in mijn kindertijd lekker vond. Door naar een ander land te verhuizen heb ik de smaken en gerechten een stukje moeten achterlaten. Maar tijdens het jaar heb ik altijd weer momenten waarop ik erg verlang om nog eens een typisch gerecht vanuit mijn streek te eten. Zo breng ik dan ook dingen mee naar hier en geniet ik op een luie avond met volle teugen van al het lekkers dat ik kon meenemen.

Of het nu eten is of iets anders, iedereen van ons heeft al dingen in zijn leven geproefd of ervaren, die een verlangen naar meer veroorzaakt hebben. En zo is dat ook bij God. Als wij Zijn nabijheid gevoeld, zijn goedheid gesmaakt of Zijn liefde geproefd hebben, willen wij dit opnieuw beleven. Er is iets in ons dat die liefde, die nabijheid en de daarmee gepaard gaande rust, vrede en vreugde opnieuw en opnieuw wil beleven. Met andere woorden: we hebben honger naar meer van God.

Religie wil ons wijsmaken dat dit fout is. Maar de Bijbel zegt net het omgekeerde. De psalmist schreef dat zijn ziel smacht naar de Heer als een hert dat verlangt naar water. Dit is sterke taal. Smachten betekent "snakken, reikhalzend uitzien, verlangen, hongeren en hunkeren." Het beschrijft een diep verlangen naar Gods tegenwoordigheid en de zegeningen die wij in Zijn nabijheid ervaren.

 
Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U, o God.
— Psalm 42:2
 

Waar is je honger naartoe?

Misschien lees je dit en moet je toegeven dat je deze honger nooit gekend hebt of dat deze na vele jaren verdwenen is. Of misschien heb je die honger wel, maar er zijn duizend en één redenen waarom je niet aan deze honger toegeeft. Drukte, stress, problemen, vragen en twijfels, angst, gebondenheden, verborgen zonde, ontgoochelingen, enz. Het excuus: "Ik doe toch al zoveel voor de Heer!", en noem maar verder op. Als dit zo is, heb ik goed nieuws voor je: je kunt daar vandaag verandering in brengen. Je kunt vandaag kiezen om, tegen je gevoelens in, Jezus' roep te beantwoorden. Hij zegt namelijk tegen ons allen: "Komt tot mij!" (Matteüs 11:28)

Marta en Maria

In deze context moet ik aan Marta en Maria denken. Maar het verhaal van Marta en Maria wordt vaak misbruikt om mensen die veel voor de Heer doen zwart te maken alsof ze iets verkeerd doen. De Bijbel roept ons op om "overvloedig te zijn in elk goed werk" en "niet na te laten goede werken te doen". We zijn gered van dode werken, ja, maar wel voorbestemd om goede werken te doen. In Openbaring 2 prijst Jezus Zijn gemeente in Efeze dan ook voor al hun inspanningen, strijd, goede werken en volharding. God is daar dus blij mee.

Maar dat was het probleem van Marta niet. Het probleem van Marta was dat haar werk voor de Heer voor haar belangrijker was dan haar tijd met de Heer. Dat is vaak ook ons probleem. Als we dus iets van dit verhaal moeten onthouden, dan is het dat alles wat wij voor de Heer doen, moet voortvloeien vanuit onze relatie met Hem en niet omgekeerd. En dat is het ook tot wat Jezus de gemeente in Efeze oproept: kom terug naar jullie eerste liefde! Laat jullie werken geen uitvlucht zijn, Ik wil gemeenschap met jullie hebben!

God verlangt naar ons

Het is Gods verlangen om dicht bij ons te zijn. Hij wacht op ons, Hij verlangt naar ons. Misschien is je deze gedachte vreemd. Lees dan wat de Bijbel in Zefanja zegt:

 
Je Heer God woont bij je. Hij is de held die jou bevrijdt. Hij zal van vreugde over je zingen. Uit liefde zal Hij zwijgen over alles wat je verkeerd hebt gedaan. Hij zal over je juichen van blijdschap.
— Zefanja 3:17
 

Sta eens stil bij deze woorden! God zingt van vreugde over je! Stel je dat eens voor! Zie Hem staan in de hemel en zie hoe Hij zingt. Hij zingt een liefdeslied en zwijgt daarbij over alles wat je verkeerd hebt gedaan omdat Jezus' bloed voor al je zonden vergoten werd. En aan het einde van Zijn lied juicht Hij van blijdschap over je! Wat een God! Wat een liefde! Wat een passie voor zijn kinderen. Zingen, juichen, blij zijn. Dat zijn de dingen die Hij doet als Hij aan ons denkt.

En Hij verlangt ernaar dat wij hetzelfde doen. Dat wij zingen van vreugde over Hem, dat wij juichen en blij zijn als wij aan Hem denken. En Hij belooft ons: "Nader tot Mij en Ik nader tot u! Als je me zoekt zal je me vinden. Roep je Me aan, ik antwoord je." In Zijn nabijheid is volheid van vreugde, lieflijkheid in Zijn rechterhand (Psalm 16:11). Bij Hem vinden we woorden van leven en rust voor onze zielen. Bij Hem worden wij zachtmoedig en nederig van hart (Matteüs 11:28-30) en veranderen wij naar Zijn beeld, van heerlijkheid tot heerlijkheid. Zijn last is licht, Zijn juk is zacht. Zijn troon is een troon van genade waar we hulp vinden te gelegener tijd. Bij Hem horen we Zijn stem, ontvangen wij wijsheid en alles wat we nodig hebben. Halleluja!

 
U wijst mij de weg naar het leven: overvloedige vreugde in uw nabijheid, voor altijd een lieflijke plek aan uw zijde.
— Psalm 16:11
 

Hoe doen we dat dan?

Het is leuk om te weten dat God zo over ons denkt en dat Hij ons geroepen heeft om gemeenschap met Hem te hebben, tot Hem te naderen en Hem lief te hebben. Maar hoe doen we dat dan?

Ik denk dat onze relatie met de Heer zo veelkleurig mag zijn als de relatie met onze man of vrouw. De Bijbel zegt dat wij de bruid van Christus zijn, onze relatie met Hem lijkt dus sterk op een huwelijksrelatie. Wat doen wij zo allemaal met onze partner? Praten. Een film samen kijken. Gaan wandelen. Een uitstap maken of een weekendje samen weg gaan. Samen een hobby delen. Gemeenschap hebben door seks. Samen iets lekkers gaan eten. Samen iets met vrienden doen. Samen iets met onze kinderen doen. Vul maar aan. Hoe veelkleuriger onze relatie is, hoe sterker is deze ook.

En zo bestaat onze relatie met de Heer ook niet slechts uit het samenkomen op zondag. Ja, waar we in Zijn naam vergaderd zijn is Hij in ons midden. Dat is belangrijk en we mogen dit niet verzuimen. Maar het is slechts één deel. We kunnen relatie hebben met de Heer door…

… gewoon met Hem te praten, de alledaagse dingen met Hem te delen. Hij is onze Vriend.
… het lezen van Zijn woord. Hij is het levendige Woord van God.
… gebed en voorbede. Alleen of in groep.
… lofprijs en aanbidding. Met of zonder muziek.
… evangelisatie en dienstbaarheid. Als we Jezus uitdragen is Hij ons bijzonder sterk nabij.
… seminaries, conferenties, cursussen, samenkomsten, enz.

Er zijn nog andere manieren; je kunt er zeker nog bedenken. Maar alles staat en valt met jouw beslissing om dit ook effectief te doen!

De Heilige Geest

Misschien denk je nu: "Ik wil dit wel, maar nadat ik eens die beslissing nam en dat probeerde, verloor ik het weer uit het oog en stopte ik er mee."

Daarin ben je niet alleen. Aangezien onze relatie met de Heer het belangrijkste in ons leven is, is dit tegelijkertijd ook hetgeen de duivel het meest aanvalt en waar ons vlees de grootste moeite mee heeft. We zijn nooit zo in de verleiding om andere dingen te doen als wanneer we bij Jezus willen komen. Of we worden overmand door schuldgevoelens. Of we worden zo moe als de discipelen die zelfs kort voor Jezus' kruisdood moeite hadden om volhardend te bidden.

Onder andere daarom heeft Jezus ons Zijn Heilige Geest gegeven. Hij wil onze zwakheden tegemoetkomen. De uitdaging die ik je vandaag dus wil meegeven is: geef je over aan de Heilige Geest! Nodig Hem elke dag opnieuw uit om je zwakheid tegemoet te komen en je te helpen. Je kunt dit tegen Hem zeggen: "Heilige Geest, ik ben zo druk bezig en zo lauw geworden. Mijn honger is quasi verdwenen. En dit spijt me. Maar wil je komen en me helpen? Ik geeft me over aan U!"

 
Geef je over aan de Heilige Geest.
 

Maar let op: maak niet de fout om daarmee 10 jaren te wachten. Neen, begin nu. Begin met 5 minuten op een dag tijdens die je met Jezus spreekt of tijdens die je het woord leest. Als dit lukt, kun je er 10 minuten van maken en misschien één keer de week tijd voor lofprijs en aanbidding vrijmaken. De Heilige Geest helpt ons "on the go". Wat wil ik hiermee zeggen? Het volgende: je kunt een auto niet sturen als die stil staat. Hij moet tenminste een heel klein beetje rijden, al is het maar aan 1 km per uur. En zo is het ook in ons leven. We moeten de Heer iets geven waarmee Hij aan de slag kan, al is het maar een minuut om stil te worden bij Hem.

Uiteindelijk zal je merken dat je honger groeit, dat je vreugde toeneemt en dat je als vanzelf de Heer bij meerdere dingen tijdens je dag betrekt. Dat noemt groei. Toename. Wasdom. Maar het begint met een keuze, het uitnodigen van de Geest en een kleine stap.

Doorbreken tot God

Bij dit alles is er een verschil tussen gewone omgang met God in ons dagdagelijks leven en het ontmoeten van God in Zijn heiligdom. Iedereen van ons is geroepen om God te ontmoeten, om Hem te ervaren en Zijn stem te horen. Wij mogen nu, zoals de hogepriester in het Oude Testament, het allerheiligste binnen gaan. Daarom is het voorhangsel gescheurd, de weg is vrij, Hij wacht op ons in Zijn heerlijkheid.

 
Heerlijk is dat; bij Hem zien wij alles vanuit een ander perspectief.
 

Het is op deze plaats, in de troonzaal van de Heer, dat wij Jezus op een onvoorstelbaar intieme en diepe manier leren kennen. Op deze plaats verdwijnt alles om ons heen en kunnen we werkelijk zeggen: "U bent meer dan genoeg voor mij, Heer." O, wat verlang ik naar meer van deze ontmoetingen! Heerlijk is dat; bij Hem zien wij alles vanuit een ander perspectief.

Maar het is allesbehalve evident om dit te beleven. Waarom? Omdat de wereld, de vijand en ons vlees er alles aan doen om ons van God weg te houden. Het is als een muur van gelei. Het is niet God die deze muur plaatst, maar wij moeten er wel doorheen geraken. En dit doe ik op een bepaalde manier die ik hier met je wil delen. Ik noem het "doorbreken tot God."

Misschien vind je dit raar, maar dat is het niet. In de Bijbel zien we dat God ons oproept om tegen onze ziel te zeggen: "Verblijdt u in de Heer!" Evenzo als wij onszelf soms moeten dwingen om op te staan en naar ons werk te gaan, moeten wij onszelf soms pushen om naar de Heer te gaan. De Bijbel roept ons ook op, om ons zelf aan te wakkeren. Wanneer de Israëlieten naar de tempel gingen, zongen ze liederen, bemoedigden ze elkaar en vermaanden ze elkander om zich voor te bereiden om naar het huis des Heren te gaan. Het is dus Bijbels om een inspanning te dom om God te ontmoeten.

Het gaat erom, ons vlees het zwijgen op te leggen, de vijand in de vlucht te slaan en onze ziel op de Heer te focussen. Dit vergt soms iets van ons. Het is de goede strijd. Ik doe dit zo:

  • Ik zoek een plaats waar ik ongestoord ben en ook niemand anders stoor.
  • Ik zet de storende prikkels af: gsm, computer, tv, radio, enz.
  • Ik begin, tegen alle gevoelens in, met dankzegging en lofprijs. Er is zoveel waar we Hem voor kunnen danken, loven en prijzen. Doe het gewoon. Maak desnoods een lijst met je zegeningen en leg een opgewekt lied op. Maar prijs Hem, loof Hem en dank Hem. Voor het offer aan het kruis, voor het bloed, voor vergeving, eeuwig leven, en zo veel meer.
  • Indien de Heer me iets toont wat ik moet belijden, doe ik dat en als ik iemand moet vergeven, doe ik dat ook. We moeten niet op speurtocht gaan en we mogen zeker geen veroordeling toelaten. Maar als de Heer ons iets toont, is het aan de orde, het recht te zetten.
  • Ik ga dan meestal over tot proclamatie. Ik prijs de Heer voor wie Hij is (Herder, Geneesheer, Redder, Vriend, Schuilplaats, Trooster…) en prijs Hem voor wie ik ben, wat ik van Hem gekregen heb en wat ik door Hem kan doen. Gebruik hiervoor gerust de proclamatietekst op onze website.
  • Tussendoor of daarna bid ik vaak in tongen, zing ik in tongen en weersta ik de boze. In tongen bidden is de max en we moeten dat veel meer doen. Het is een wapen, het bouwt ons op, we spreken in geheimenissen tot God en als we Hem in tongen aanbidden, aanbidden we Hem op een volmaakte manier, zo zegt Paulus het.
  • Ten slotte gaat mijn gebed dan meestal over in diepe aanbidding. Ik kniel dan vaak voor de Heer. Soms word ik gewoon helemaal stil. Afhankelijk van hoe de Geest me leidt.

Regelmatig merk ik na deze "stappen" hoe de sfeer verandert. Ik weet dan dat ik bij de Heer ben. Heerlijke dingen gebeuren. Soms vermaant de Heer me, soms ween ik en soms moet ik gewoon lachen. Wat het ook is, ik wil voor altijd in die tegenwoordigheid blijven. Het is heerlijk. En dit is het eeuwige leven, zegt Jezus: God kennen! Niet van horen zeggen, maar van aangezicht tot aangezicht.

Kies vandaag

Kies dus vandaag om aan dit avontuur te beginnen. Zet de eerste kleine stap en geef je stuur over aan de Heilige Geest. Hoe meer je dit doet, hoe meer je honger zal toenemen. Hoe meer je écht met Jezus leeft, hoe meer je Hem in je leven zult ervaren. Het draait om relatie. Niet om sleutels, stappen of religie: maar om Jezus en onze relatie met Hem.

Luister aan het einde van deze overdenking naar de beloftes van de Heer. Beloftes die voor hen zijn, die deze relatie met de Heer leven.

 
De Here zegt: Ik zal hem verlossen, omdat hij mij zeer bemint. Ik zal hem beschermen, omdat hij Mij kent en mijn naam eert. Als hij Mij roept, zal Ik hem antwoord geven. Als hij het moeilijk heeft, zal Ik bij hem zijn. Ik zal hem bevrijden en in ere herstellen. Ik zal hem een lang leven geven en hem mijn heil tonen.
— Psalm 91:14-16
 

Kom tot Hem! En wees gezegend!
Amen


 

Bidden is communiceren

Bidden is communiceren

Het woord communiceren is afkomstig van het Latijnse woord communicare, wat de betekenis heeft van “iets gemeenschappelijk maken”. Als je communiceert maak je dus iets gemeenschappelijk wat voordien individueel was. Je deelt iets van jezelf met iemand anders of met meerdere anderen met de bedoeling dat de andere daarop reageert. We communiceren voortdurend met woorden, gebaren, gedrag en zelfs welbewust zwijgen kan een vorm van communiceren zijn.